dinsdag 22 september 2015

Nieuwsbrief voor de kinderen

Dag lieve kinderen in Nederland!

Dat is lang geleden, dat jullie iets hebben gehoord uit Papua Nieuw Guinea! 
En jullie hebben vakantie gehad natuurlijk. Zijn jullie nog ergens heen geweest op vakantie, of lekker thuis gebleven? 

En hebben jullie weer zin om naar school te gaan om nieuwe dingen te leren? 

Tijdens jullie vakantie hebben de mensen in Papua Nieuw Guinea heel veel nieuwe dingen geleerd. Vooral over de Bijbel. En ik heb heel veel geleerd van hoe de mensen in Papua Nieuw Guinea denken en wat ze geloven. 

Daar ga ik wat over vertellen in deze brief. En ik ga jullie een paar hele moeilijke vragen stellen. Of misschien vind je je ze wel heel erg makkelijk en weet je dat wel. 

Ik ga je deze vraag stellen: Als je sterft, waar ga je dan heen? 
Vraag dat maar eens aan juf. Ik denk dat juf dan zegt: Als je gelooft, dan ga je naar de Here Jezus. Dat staat er in de Bijbel. Bijvoorbeeld als de moordenaar aan het kruis tegen Jezus zegt: “Denk aan mij als U in Uw Koninkrijk komt.” En dan zegt Jezus: “Heden zal je met Mij in het paradijs zijn.” 

Misschien heb je een ongelovig vriendje of vriendinnetje. Als je deze vraag aan hen stelt, dan zeggen ze misschien: dan word ik een sterretje in de lucht. Heb je dat wel eens gehoord? 

Weet je wat heel veel mensen in Papua Nieuw Guinea denken? Dat  als je sterft, dat je dan als een onzichtbaar persoon terugkomt en je nog steeds bij je familie woont. Je bent dan nog steeds op deze aarde, alleen dan onzichtbaar. 

En dan worden je papa en mama en je broers en zussen heel bang voor je. Want dan zijn ze bang dat je boos op hen bent, en dat je ze dan ziek gaat maken. Soms denken ze, als ze een vogel horen fluiten, dat je in de vogel bent gaan zitten.  En als de vogel dan zingt, dan denken de mensen dat jij tegen hen praat. 
En dan moeten ze heel goed hun best doen dat jij, als de onzichtbare persoon in de vogel, niet boos op hen wordt, want dan maak je hen misschien wel ziek. Ze gaan dan alles versieren en allemaal lekkere dingen op een speciaal plekje leggen voor je, zodat je daar blij van wordt, en je hen niet ziek gaat maken, maar juist gaat helpen.  

En soms zijn ze zo bang dat jij ze ziek zal maken, dat ze zich gaan wassen met gember. Want dan denken ze dat je ze niet meer ruiken kunt, en dat je ze vergeet. En dan hoeven ze even niet bang te zijn dat je ze ziek gaat maken. 

Soms knippen ze je haar af, als je doodgaat. Of je nagels. 
En als ze dan in hun groentetuin gaan werken, dan vragen ze aan jou als onzichtbaar persoon of je goed op hun tuin wil passen, en ervoor wilt zorgen dat de aardappelen en de groenten goed gaan groeien. En soms stoppen ze dan een stukje van je haar onder de aardappels, zodat de kracht van jou, die nog in je haar zit, ervoor kan zorgen dat de aardappelen goed groeien en de aardappelen niet door wormen worden opgegeten. 

Of als je papa of mama of broer of zus ziek is, dan gaan ze op trommels slaan, en dan vragen ze aan jou, of jij wilt komen als onzichtbare persoon, en dan moet je hen vertellen welke andere onzichtbare persoon je papa of mama of broer of zus heeft ziek gemaakt. 




(Zie foto 1 en 2: alles mooi versierd en lekker eten op een speciaal plekje, zodat de onzichtbare persoon hen gaat helpen om de zieke beter te maken, of om hen te helpen dat de aardappelen goed gaan groeien.)

Dat geloven de mensen in Papua Nieuw Guinea over de mensen die doodgegaan zijn. 

Toen de mensen dit allemaal aan mij gingen vertellen, voelde ik me wel een beetje verdrietig. Want ze zijn eigenlijk ALTIJD bang voor alle onzichtbare personen, waarvan ze denken dat die nog steeds in hun huis zijn, maar die eigenlijk gewoon gestorven zijn en bij de Here Jezus zijn. 

We gingen toen de Bijbel lezen. Want wat in de Bijbel staat is AlTIJD waar he! 
 De Bijbel zegt in Prediker 9:5-6: de doden weten niets. “Ze nemen nooit meer deel aan alles wat gebeurt onder de zon.”  
Dat is misschien een beetje moeilijk, maar het vertelt ons dat als je sterft, je niet meer hier op deze aarde bent als een onzichtbaar persoon. 

Toen de mensen dat gingen lezen, waren ze HEEL ERG verbaasd. Ze konden het bijna niet geloven. Ze waren helemaal in de war: was het dan  niet waar dat de mensen die doodgegaan zijn als onzichtbare personen nog steeds bij jou in huis wonen? En is het dan echt waar wat de Bijbel zegt? 
Zie foto 3, 4, en 5. Ik ga de Bijbel uitleggen, en dan gaan ze zelf de Bijbel lezen om te zien of dat echt in de Bijbel staat. 



We gingen daar wel 5 dagen over praten. En toen ging de Heilige Geest zelf hen vertellen dat de Bijbel echt waar is, en dat deze dode mensen niet meer bij hen wonen. En toen zeiden de mensen: Wij willen geloven wat er in de Bijbel staat. 
Kijk maar op foto 6 en 7. 



De mensen in Papua Nieuw Guinea wisten dit niet over de onzichtbare mensen. Niet omdat ze dom zijn, maar omdat ze niet wisten wat er precies in de Bijbel staat. Ook de kinderen hebben nog nooit de Bijbel gelezen. Zelfs niet als je al 15 of 18 jaar bent. Daarom ging ik hen ook helpen om bijvoorbeeld psalm 23 op te zoeken in de Bijbel. Kijk maar op foto 8. 


En nu ging ik uitleggen dat we dus niet bang hoeven te zijn. Omdat deze onzichtbare personen niet bestaan. En ook omdat we altijd in de hand van de Here Jezus zijn, en in de hand van God. En dat God altijd op ons zal passen, en ons zal beschermen. Dat ze niet hoeven te denken dat die onzichtbare personen hen kunnen ziek maken. 
En dan lezen we in de Bijbel, in Johannes 10:27-29.
“Mijn schapen luisteren naar Mijn stem. Ik ken ze en zij volgen Mij. Ik geef ze eeuwig leven: ze zullen nooit verloren gaan en niemand zal ze uit Mijn hand roven. Wat Mijn Vader Mij gegeven heeft gaat alles te boven, niemand kan het uit de hand van Mijn Vader roven. “

Dat is veilig! 

En weet je wat ik dan altijd doe? Dan doe ik iets wat mijn mama mij heeft geleerd. Dan zeg ik tegen de mensen: Steek je hand eens op? Oke, nu doe je je duim naar binnen. Die duim dat ben jij zelf. En nu vouw je je andere 4 vingers stevig over je duim. Dat is de hand van de Here Jezus, die jou vasthoudt. En nu doe je je andere hand over je ene vuist. Dat is als de hand van de Here God, die je nog steviger vasthoudt. Dat voelt veilig! Kijk eens naar de duim? Die zit veilig binnen in. Dat ben jij, in de hand van de Here Jezus en van de Here God. 

Als de mensen dat doen, zijn ze altijd heel erg blij. 
Doe jij dat ook maar eens, en zeg maar tegen de Here Jezus: Zo veilig ben ik in Uw hand. Ik hoef NOOIT bang te zijn!



Foto 9, 10 en 11 zijn foto’s van de plek waar ik de mensen ging leren over de Bijbel. En zie je de blanke man op de laatste foto, waar we een dikke vis vasthouden? Daar ga ik mee trouwen! Dat is mooi! Maar daar ga ik de volgende keer meer van vertellen! 

Nou, dat was een lang verhaal. Vond je het een beetje moeilijk, of kon je het wel begrijpen? 
Blijf maar bidden voor alle mensen in Papua Nieuw Guinea, dat de Here Jezus hen zal vertellen dat ze niet bang hoeven te zijn voor onzichtbare mensen, omdat die niet bestaan en dat ze altijd weten dat de Here Jezus heel goed op hen past en in Zijn hand houdt. 


Heel veel liefs,

Marjan  Sikkema

donderdag 19 februari 2015

Nieuwsbrief Februari

  Ukarumpa, 29-1-2015


“Zoals de zee vol water is, zo zal de aarde vol kennis van de grootheid van de HEER zijn.”     Habakuk 2:14


Dag allemaal!
 
Wat een schitterende belofte, deze tekst in Habakuk. Er komt een tijd dat de aarde vol zal zijn van de kennis van de grootheid van Jezus! En om daaraan te mogen meehelpen, is een groot wonder! Ik hoop en bid dat deze belofte weer een stukje meer in vervulling zal gaan door ons leven en werk in 2015! We mogen, ieder op onze eigen plek, mensen vertellen van Gods grootheid, tot deze belofte in vervulling gaat! 

Wat waren de hoogtepunten van de afgelopen maanden? 



Allereerst de fantastische tijd met mijn bezoek uit Nederland: Bertus en Ellie Veldman uit Aduard! Wat was het super om zoveel met hen te kunnen delen van mijn leven hier! En wat was het goed om samen uit de Grunniger Biebel te kunnen lezen!  


Het weerzien van Carol, die nu 13 uur rijden verderop in de Jungle woont. Wat was het heerlijk om weer samen te kletsen, te lachen, te huilen, diepe dingen door te praten, en weer opgeladen huiswaarts te keren na 2 weken. 
En daarnaast weer heel veel trainingen geven, om mensen te laten weten van de grootheid van Jezus!

We mochten 6 maanden lang elke donderdagochtend een uur les geven aan het personeel van de winkel op het centrum hier. Als geschenk en herinnering had ik Joh. 15:4-5 gebrand op een bord. “Blijf in Mij, en Ik in u, en u zult vruchten dragen.” 
Ons nieuwe SALT team lid Shadrach! “De velden zijn wit om te oogsten, maar er zijn maar weinig werkers. Bid de Vader dat Hij nieuwe werkers zal zenden.” Matt 9:37-38. Dank God dat Hij Shadrach heeft gestuurd! 
7 dominees van de Tay stam verder trainen in hoe leiding te geven in de gemeente.  Uitleggen hoe ze de SALT lessen kunnen gebruiken in hun preken en gemeenteleven.  En verder: hoe ga je om met mensen die bezeten zijn? Hoe ga je om met mensen die geloven in God, maar tegelijkertijd ook nog in de machten van de duisternis? 
“Geef wat je gehoord hebt door aan betrouwbare mensen, die anderen kunnen onderwijzen.” 2 Tim. 2:2.

Thuis een training geven aan de bouwvakkers van het centrum: hoe kun je mensen stimuleren om de vertaalde Bijbel te gaan lezen? Daar kunnen we ieder op onze eigen plek mee bezig zijn. Ef. 2:21-22







14 dagen training aan de Tay-mensen. Want de aarde zal vol worden van de kennis van de grootheid van onze HEER! Laten we, als gespeende kinderen, tot rust komen, door ons te laven aan Gods Woord! 

Harte-groet, Marjan 

Mijn adres is: Marjan Sikkema
PO box 1-98
EHP 444 Ukarumpa Papua New Guinea 
E-mailadres: m.sikkema@sil.org.pg
Mijn rekeningnummer is: NL 85 RABO 0120 486 784 ten name van Wycliffe Comite Sikkema. (Giften zijn aftrekbaar van de belasting). 
http://marjansikkema.blogspot.com





…… We hoorden het zoemen, maar zagen het niet. Het MAF vliegtuigje dat ons weer zou komen ophalen uit de bergen waar de Tay stam leeft. We hadden ze 2 weken lesgegeven in Gods Woord, en nu stonden we buiten, met al onze tassen. Het huisje weer opgeruimd en schoongeveegd, klaar om naar huis te gaan. Ik had wel weer zin in een warme douche, en brood, en kaas, en mijn eigen bed. 

We zagen het niet, het vliegtuigje. De wolken, die een uur eerder over de bergtoppen waren komen rollen, vormden een dichte mist. Dat maakte dat de piloot van het vliegtuigje de landingsbaan niet kon zien, en dus niet kon landen. 
Een uur later hoorden we het opnieuw boven de wolken zoemen, maar nog steeds dichte mist. 
Tussen de middag nog een keer, maar toen regende het zo hard, dat we nog steeds het vliegtuigje niet konden zien, en de piloot besloot maar terug te vliegen naar de basis in Ukarumpa.  

We hebben toen onze tassen maar weer gepakt en onze bedden weer opgemaakt in het schoongeveegde huisje.

"God, wat is dit? In al deze 2 weken zijn de wolken nog nooit zo dicht geweest, voor zo lang, en al zo vroeg! Normaal rollen de wolken om een uur of 10 naar binnen, maar nog nooit om 8 uur 's ochtends al. Het is wel heel duidelijk, dat U, die wolken lucht en winden bestuurt, hier iets mee wilt. Wat is het Vader?"

"Het is Rufus, de man van Anilam, die Ik nog 1 kans wil geven. Ik sloot het luchtruim, omdat Ik hem lucht wil geven en ruimte wil maken in zijn hart voor Mij."

Ik deelde dit antwoord met mijn teamleden, en we zijn specifiek voor hem gaan bidden. En ja, die avond bracht God deze man bij ons huisje. Na een lange tijd, het was onderhand al 10 uur 's avonds, kwam hij met de ware reden van zijn bezoek: De afgelopen 2 weken tijdens de cursus had hij zijn leven onder de loep genomen. Hij had geconcludeerd dat hij in ernstige zonden leefde.  Hij wilde ermee breken, en zijn leven aan God geven, want hij geleerd dat er bij God altijd een nieuwe kans is. Wilden we met hem bidden?  

Dat hebben we gedaan. En opgelucht en met een ruim en opgeruimd hart is hij naar huis gegaan. 
De volgende dag was het luchtruim open, en kon het vliegtuig ons oppikken om naar huis te gaan. 

Dank U, God van genade, dat U wolken stuurt, om mensen bij U terug te brengen! 
Die wolken, lucht en winden, wijst spoor en loop en baan
zal ook wel wegen vinden, waarlangs uw voet kan gaan. 

Laten we Zijn goedheid en zorg maar vertrouwen in alles!

woensdag 10 december 2014

Schoolkrant

Dag, lieve jongens en meisjes!

En…. Hebben jullie allemaal Sint Maarten gelopen? En lekker veel snoep opgehaald? 
Weet je, in PNG hebben we helemaal geen Sint Maarten.  Maar ook geen snoep. Ik denk dat als de kinderen hier Sint Maarten zouden gaan lopen, dat ze dan aardappelen, of bananen kregen, of een stukje suikerriet, of een stukje varken. 
Kijk maar eens op foto 1 en 2.



Dat is een foto die ik gemaakt heb op een feest! Mijn vriendin ging trouwen. Dit eten was voor de familie van haar man. Dat kregen ze mee als een bedankje. Op foto 2 kun je goed zien dat er ook een varken op ligt.  Ze kregen ook nog 5 levende varkens mee! 

Ik zal jullie eens vertellen hoe dat gaat, als een man of een vrouw gaat trouwen hier. 
Mijn vriendin Carol kreeg verkering in juni met Jack. Toen gingen ze met hun families praten, om te vragen of de vaders en moeders het er mee eens waren dat ze zouden trouwen. 
De moeder van mijn vriendin Carol was het ermee eens (haar vader is gescheiden van haar moeder toen mijn vriendin 4 jaar was, dus die hoefde daar niet over te beslissen). En de vader en de moeder van haar vriend Jack waren het er ook mee eens. 

En vanaf dan gaat het helemaal anders als bij jullie in Nederland. 
Want nu gaat de vader van haar vriend Jack, en  de oom (in dit geval de oom, maar normaal de vader van de bruid) van Carol elkaar bellen, om te praten over hoeveel de vader van de Jack moet betalen aan de oom van Carol, om Carol te “kopen” van haar oom.  
Ze hebben toen besloten dat de vader van Jack 20 varkens en 20.000 kina, dat is bijna 8000 euro zou betalen aan de oom en moeder van Carol. 
En dat is ook gebeurd. Kijk maar eens op foto 3.



 Daar zie je alle varkens, die nog gewoon leven, in de tuin van de kerk graven. Want het was een speciaal feest toen dit aan Carol werd gegeven, een feest bij de kerk. 

Op foto 4 zie je dat de vader van Jack nu het dikste varken aan Carol geeft. Op dat moment heeft de vader van Jack Carol betaald, en is ze nu officieel de vrouw van Jack. 
Aan het eind van het feest werden alle varkens in een grote vrachtwagen geladen, en naar het dorp en huis van Carol haar moeder gebracht. Foto 5


En toen gingen we nog met alle families samen eten. We gingen toen een geslacht varken eten, dat ze hadden gestoomd in een mumu: een gat in de grond met hete stenen, en daarop alle groente en aardappelen, en bovenop het varken. Kijk maar eens op foto 6 en 7.


En toen was mijn vriendin ineens getrouwd, en mocht ze niet meer haarzelf Carol Saferita noemen, maar Carol Yakura. Want Yakura is de voornaam van de vader van Jack. Als ze nu een kindje krijgen, dan heet dat kindje van zijn achternaam Jack. Want de voornaam van de vader is de achternaam van het kindje van die vader. Snap je? Hoe zou jij dan heten als dat bij jullie in Nederland hetzelfde was? 

Nadat dit feest klaar was, ging Carol gewoon weer mee naar mijn huis, en Jack ging weer gewoon mee met zijn vader en moeder naar zijn huis. 
Want er moet eerst nog wat anders gebeuren, voordat ze bij elkaar gaan wonen. 
De familie van Carol gaat eerst nog een groot feest geven,  om de vader en moeder van Jack te bedanken, en om echt afscheid te nemen van Carol. Want Carol gaat heel ver weg wonen, wel 10 uur in de auto! 

Dus op 8 november was er een feest in het dorp van Carol. We hebben dat een dorpstrouwerij genoemd. 
Toen alle gasten er waren, ging de dominee eerst een preek houden. Carol en een nichtje en ik zaten toen verstopt in huis, want niemand mocht Carol nog zien. Toen de dominee klaar was met de preek, kwam de moeder van Carol ons op halen uit huis. Carol liep tussen mij en haar nichtje in, en haar moeder voorop. 

Toen stonden we met z’n drieen onder een soort afdakje, en kreeg Carol een suikerriet stengel, een schep en een bijl in haar hand. Die moest ze de hele tijd vasthouden. Het is om te laten zien dat Carol nu zelf in de tuin moet gaan werken, om goed voor haar man en kinderen te zorgen. Als de suikerrietstengel goed groeit in haar nieuwe tuin, dan is dat een teken dat Carol goed in de tuin kan werken, en goed voor haar gezin kan gaan zorgen. Want dan kan ze goed groenten en aardappelen poten in haar groentetuin, en dan kunnen ze daarvan eten. Want je weet nog wel dat er niet zoveel winkels zijn bij ons! 

Zie je de jurk die Carol aanheeft? Die had ze diezelfde ochtend om 8 uur nog op de markt gekocht in een stadje hier 20 minuten vandaan. En om 10 uur begon het feest! Dat is wel een beetje anders dan bij jullie he, dan gaat de bruid heel lang zoeken naar een mooie jurk!  Zie foto 8


En dan gaat iedereen afscheid nemen. Een hele lange rij van huilende mensen. En iedereen hangt een bilum (weet je nog, die tas die is gehaakt) om Carol’s nek, en geeft geld of cadeautjes, zoals pannen en dekens en matrassen. 
Haar nichtje en ik zijn haar beste vriendinnen, die officieel bij haar moeten staan als emotionele steun, als iedereen afscheid gaat nemen. En om af en toe alle bilums even van haar nek te halen, en op de grond te leggen.  Zie foto 9

En daarna ging de dominee voor hen bidden, en zegende hij het bruidspaar, door de Bijbel boven hun hoofd te houden. Kijk maar op foto 10

En nadat iedereen heeft afscheid genomen, gingen we taart eten! Dat hoort niet echt bij Papua Nieuw Guinea, maar was een verrassing van mij en nog 2 vriendinnen, met wie ik de taart had gemaakt. Zie foto 11

Alle kinderen kregen ook een stukje, en dat vonden ze heel erg lekker. Want ze krijgen bijna nooit taart! Zie foto 12

En daarna gingen we allemaal weer een mumu eten, waarin wel 5 varkens waren geslacht, en 15 kippen! En nog een paar geiten. Een heel groot feest met heel veel eten. Foto 13 en 14


En er was ook nog een varken ontsnapt! Die liep midden tussen alle gasten! Zie foto 15

Na dit grote feest gingen Jack en Carol samen naar hun nieuwe huis, in het dorp van Jack zijn vader en moeder. 

Nou, dat was een lang verhaal! Dan weten jullie nu ook hoe het gaat als hier iemand gaat trouwen. 

Hele dikke knuffel uit Papua Nieuw Guinea,

Marjan Sikkema!


woensdag 19 november 2014

Nieuwsbrief november

                       Ukarumpa, 10-11-2014


“…Op Hem hebben we onze hoop gevestigd: Hij zal ons altijd redden. En ook u bent ons tot steun door voor ons te bidden. Zo klinkt uit talloze monden de dankzegging voor de gunst die Hij ons bewezen heeft.”    2 Kor 1:8-11  


Dag allemaal!
 
Waar moet ik beginnen met vertellen? Er is weer zoveel gebeurd de afgelopen tijd. Allereerst wil ik jullie laten weten, dat het met mij persoonlijk heel goed gaat. Na mijn laatste nieuwsbrief, waarin ik deelde dat ik in een zware emotionele strijd zat, zijn er zoveel mensen in gebed gegaan, en hebben jullie zo intens met mij meegevochten, dat Satan het veld moest ruimen. Na mijn laatste nieuwsbrief heb ik heel bewust 40 dagen de tijd genomen, om elke minuut die ik over had naast mijn werk, me te concentreren op Gods karakter. Door Bijbelstudie en meditatie, door gebed en zingen en af en toe vasten heb ik God en Zijn liefde en plan met mij op een dieper niveau leren kennen. God heeft deze tijd overvloedig gezegend. Ik kom tot de volgende conclusie, waarin ik elke dag dieper mag groeien: 
Hoe beter ik Gods plan met de wereld en met ons mensen begrijp: om ons tot een onverbrekelijke eenheid met Christus te brengen….. (Kol 1:27-28)
Hoe meer ik Gods onfeilbare liefde voor mij leer kennen….
Hoe meer ik Zijn eindeloze macht en kracht leer kennen…..
….Des te meer ik me aan Hem durf over te geven, omdat ik weet waar Hij naar toe aan het werken is. 
….Des te veiliger ik me voel in Zijn plan met mijn leven en de wereld
….Des te meer hoop ik krijg
….Des te blijer en positiever ik word en des te meer liefde ik kan geven met maar 1 focus: om te groeien in eenheid met Christus, en anderen tot die eenheid met Hem te brengen.  

En dat heeft alle angst uit mijn hart weggehaald. En laat me vol vertrouwen opzien naar Mijn Almachtige Vader.  
Ik ben me sterk bewust dat zonder jullie intense gebed, deze geestelijke vruchten niet hadden kunnen groeien in mijn hart! Uit het diepst van mijn hart: Bedankt voor jullie gebedshulp! (2 Kor 1:11!) Iedereen die me via gebed, mail of post heeft gesteund en bemoedigd de afgelopen tijd: BEDANKT!!! 
Ik bid dat jullie zelf ook door God rijk gezegend zullen worden voor jullie steun en gebed. 

Ik heb nog geen ander huisgenootje die gelijker tijd mijn collega zal zijn. Qua groepscultuur ligt dat nl erg lastig: er kan snel onderlinge jaloezie ontstaan als anderen een soort promotie krijgen of als er nieuwe mensen worden aangenomen om samen met mij leider te worden. De cultureel juiste oplossing is: iedereen draagt een steentje bij om Carol’s plek op te vullen. Op deze manier is iedereen gelukkig. 
Goddank zijn de teamproblemen vorige week uitgepraat. God maakte mensen bereid om wortels van jaloezie en frustratie na een jaar eindelijk op te graven en weg te doen! Wat een zegen! De bedreigingen zijn nog niet helemaal weg,  maar in Gods wijsheid en bescherming hoop ik hier goed mee te blijven omgaan.  
Ik voel weer de moed en de rust in God, om door te gaan met Zijn werk hier in PNG. 

Het andere grote gebeuren dat heeft plaatsgevonden: Carol haar dorpstrouwerij! Ik hoop dat ik een beetje een idee kan geven wat dat geweest is, aan de hand van de foto’s en uitleg op de achterkant van deze nieuwsbrief. 
Hartegroet en Gods zegen! Marjan 


Mijn adres is: Marjan Sikkema
PO box 1-98
EHP 444 Ukarumpa Papua New Guinea 
E-mailadres: m.sikkema@sil.org.pg
Mijn rekeningnummer is: NL 85 RABO 0120 486 784 ten name van Wycliffe Comite Sikkema. (Giften zijn aftrekbaar van de belasting). 
http://marjansikkema.blogspot.com



De officiële bruidsschat overdracht op 25 September: Haar schoonvader overhandigt Carol symbolisch 20 levende varkens en 20.000 kina (rond 8000 euro). De andere varkens lopen allemaal ergens in de buurt rond, om later op de dag op een vrachtwagen gezet en naar het dorp gebracht te worden van Carol’s moeder. Carol is nu officieel gekocht en moet nu de naam van haar man dragen. Getrouwd dus. We vieren de gebeurtenis met een mumu, (een traditionele manier van eten klaarmaken: alle aardappelen, groenten en een heel varken worden klaargestoomd op hete stenen in een gat in de grond wat afgedekt wordt door bananenbladeren en modder) waarbij het beste stuk van het varken aan Carol wordt gegeven: het achtereind van de rug. 
Op 8 november heeft de traditionele ceremonie plaatsgevonden dat Carol’s familie haar officieel overdraagt aan haar nieuwe schoonfamilie. Iedereen neemt afscheid, geeft cadeaus (dekens, matrassen, potten en pannen) en bilums (een gewoven tas, kenmerkend voor PNG). Carol heeft een bilum om haar nek, waar mensen geld in kunnen doen. Samen met Carol’s nichtje, heb ik de taak om haar emotioneel bij te staan en om Carol af en toe te ontladen van alle bilums die om haar nek worden gehangen.


Met zoveel westerse zendelingen in haar vriendenkring krijgt de trouwdag ook een beetje een westers tintje, met een 3 lagen bruidstaart die ik heb gemaakt met 2 PNG vriendinnen. De bloemen van de taart krijgt Carol als kroon op haar hoofd.

En dan vindt de kerkelijke inzegening plaats. Aan het begin van de dag heeft de dominee al een preek gehouden. Carol, haar nichtje en ik zaten toen in huis te wachten tot de preek afgelopen zou zijn en haar moeder haar en ons zou halen en Carol zich voor het eerst zou laten zien. Direct aan het begin van deze ceremonie wordt er een stek van een suikerriet stengel, een bijl en een schep aan Carol gegeven, die ze de hele tijd in har hand houdt. De suikerriet is als teken van vruchtbaarheid en groei. De bijl en de schep, als zegen voor kracht om in de tuin te werken en haar familie te kunnen onderhouden.
Al het eten voor Carol haar dorpstrouwerij: Opnieuw 5 varkens om op te eten en 5 varkens om als dank te geven aan haar schoonfamilie.


  

zondag 14 september 2014

Nieuwsbrief september 2014

Ukarumpa, 29-8-2014


Jac. 1:2-5
“Het moet u tot grote blijdschap stemmen, broeders en zusters, als u allerlei beproevingen ondergaat. Want u weet: wanneer uw geloof op de proef wordt gesteld, leidt dat tot standvastigheid. Als die standvastigheid ook daadwerkelijk blijkt, zult u volmaakt en volkomen zijn, zonder enige tekortkoming. Komt een van u wijsheid tekort? Vraag God erom en Hij, die aan iedereen geeft, zonder voorbehoud en zonder verwijt, zal u wijsheid geven.”

Beste lezer,

Heb jij wel eens het gevoel gehad dat je het bijltje erbij neer wilde gooien? Gewoon alles opgeven en weglopen? Ik wel. De afgelopen maanden. Teveel dingen die op me afkwamen om het hoofd te bieden. Wat zoal? 
Eerst het bericht dat Carol gaat trouwen, en daarmee de SALT bediening gaat verlaten en gaat verhuizen, zo’n 5 uur rijden hier vandaan. Dat was een grote schok. In deze cultuur gaan zulke dingen heel snel. In mei hadden we nog geen idee van een eventuele partner, in juni stond de datum voor de bruidsschat gepland en moesten we ons gaan voorbereiden op afscheid.  
Carol is 3 jaar lang mijn huisgenootje geweest en mijn medewerker in de SALT. Voor mijn gevoel is ze onmisbaar, zowel in de ministry als voor mij, om me hier te redden in deze cultuur. 
Ik ben blij voor haar, maar voor mezelf had ik een paniekreactie: God waarom? Hoe moet de SALT ministry  nu verder? Hoe moet ik nu verder? Dit kan niet! 

Daarnaast kwamen er serieuze persoonlijke bedreigingen af op Carol en mij, van mensen uit het dorp naast de compound. Carol heeft bij familie geslapen, en voor mij was het beter om naar Cairns, Australië, te gaan voor een tijdje, tot de gemoederen wat waren bedaard. Op dit moment van schrijven lijkt de rust weer wat te zijn terug gekeerd. Maar deze spanning en frustratie maakte dat ik het bijltje erbij neer wilde gooien en per omgaande een ticket naar NL wilde boeken. 

Serieuze problemen in het team, jaloezie en roddel, waren de druppel die de emotionele emmer deden overlopen, zodat ik uitriep: “Bekijk het allemaal maar, ik heb er geen zin meer in, ik trek dit niet langer.” 

Op die momenten van het willen opgeven van alles, wilde mijn gevoel me iets anders laten geloven dan de waarheid van Gods liefde en goedheid voor mij. Ik had het gevoel dat God me in de steek liet. Me aan mijn lot overliet en ik er alleen voorstond. Ik moest tegen mezelf gaan preken: wees blij in beproevingen, zoals Jacobus zegt, want dat versterkt je geloof. 
Pittig! Maar wel waar. Heel bewust moest ik me elke keer voorhouden: de volheid waar Jacobus het over heeft is: echt volledig vertrouwen in Gods liefde en goedheid, in elke omstandigheid. Hij zal het doen meewerken ten goede. Geloof dat, en hou daar aan vast. 

Alleen dan wordt mijn reactie op het verlies van vrienden niet meer: God zelf heeft me in de steek gelaten, maar: God zal dit doen meewerken ten goede, tot Zijn glorie en mijn volkomenheid. 
Dan wordt mijn reactie op dingen moeten loslaten niet meer: God geeft niks om mij, maar: God heeft iets beters voor me weggelegd. 
Dan wordt mijn reactie op pijnlijke ervaringen een reactie van waarheid en vrede en vrijheid, en worden twijfel en wantrouwen in God opgeruimd en aan het kruis genageld.

Maar dit kan ik niet uit mezelf. Het is God vragen, zoals Jacobus zegt in vers 5, om mij die wijsheid te geven om tegenslagen, tegenwerkingen, pijn en verdriet toch te kunnen zien als zegeningen. Als iets wat vreugde geeft. Omdat die beproevingen je geloof en vertrouwen versterken, ze je dichter bij God brengen, en je Zijn kracht in je leven gaat zien werken. 

Maar het is een dagelijkse opgave. Nee, wacht, het is geen opgave, het is een dagelijkse overgave. Een overgave aan de Heilige Geest die ons leert: God vraagt niet van je: “begrijp je Mij een beetje,” maar: “vertrouw je Mij een beetje”.  En daar komt het dan elke keer op aan. Die overgave aan de Heilige Geest, om door Hem te kunnen zeggen: “Ik begrijp er helemaal niks van, het doet pijn, en toch vertrouw ik U dat U deze pijn zult omzetten in iets goeds, iets opbouwends.”  En dan kan ik deze dagelijkse strijd in mijn denken en gevoel, al mijn gevoelens van pijn, wanhoop, twijfel en angst teruggeven onder het beheer van de Heilige Geest, die het zal omvormen tot een dieper vertrouwen in Gods liefde en goedheid.  

Ef 3:19 “…ja, de liefde van Christus kennen die alle kennis te boven gaat, opdat u zult volstromen met Gods volkomenheid.”  Dat is wat God in mijn hart blijft leggen, dat de mensen hier in PNG die liefde van Christus moeten leren kennen. Dat is de drive om door te gaan, in Gods kracht. “Wat telt, is dat Christus verkondigd wordt.” Fil 1:18. En God zal daarvoor Zelf de weg openen. 
Hoe het nu verder gaat? Ik heb echt nog geen idee. Voor de komende maanden hebben we de andere 6 cursussen die nog gepland stonden geannuleerd, om ons te kunnen voorbereiden op de bruiloft in november. Ondertussen zal ik onder de leiding van de Heilige Geest op zoek gaan naar iemand die Carol haar plek kan overnemen, zowel in het SALT leiderschap als huisgenootje. God heeft de controle. Het blijft tenslotte Zijn werk, door ons. 

Ondanks al deze emotionele situaties blijft God krachtig werken via de SALT ministry. We hebben de afgelopen maanden 8 cursussen mogen draaien. God raakt mensen aan. Zoals een van de deelnemers van de laatste cursus in augustus vertelde: “Ik was bang om naar de cursus te komen. Ik was bang dat de geesten niet blij met me zouden zijn, en ik was bang om alleen naar de kerk te lopen (2 uur), omdat ik de rivier over moet steken, en ik bang was dat de rivier geesten me mee zouden nemen. Toch ben ik gekomen, en toen we Jesaja 41:10 moesten bestuderen wist ik ineens dat het God zelf was die me gebracht heeft, en nu ben ik niet bang meer. God de Grootste zorgt voor me.” En daarmee bemoedigde hij mij weer. 

                           Want God ‘de Grootste’ zorgt voor ons! Aan Zijn hand gaan we veilig! 


Mijn adres is:  Marjan Sikkema
PO box  1-98 
EHP 444 Ukarumpa Papua New Guinea
Mijn rekeningnummer is: NL 85 RABO 0120 486 784 ten name van Wycliffe Comite Sikkema. (Giften zijn aftrekbaar van de belasting). 
E-mailadres: m.sikkema@sil.org.pg http://marjansikkema.blogspot.com

Harte-groet Marjan Sikkema




woensdag 7 mei 2014

Nieuwsbrief april 2014

Ukarumpa, 5-5-2014

“Laat de Heer, uw God, ons de weg wijzen, en zeggen wat ons te doen staat. … Of Zijn woorden ons nu wel of niet goed uitkomen, we zullen de Heer, onze God, gehoorzaam zijn.” Jer. 42: 3, 6

Woorden van vluchtelingen vanuit Juda, die op zoek zijn naar veiligheid.  Woorden die ook nu nog klinken, rechtstreeks uit mijn eigen hart: “Laat me maar zien Heer, wat U wilt dat ik doe. Mijn enige focus in dit leven, is om U gehoorzaam te zijn.” 
En deze woorden zijn mijn gebed, dat de mensen hier in PNG, aan wie we de blijde boodschap mogen vertellen, eens deze woorden in hun mond zullen nemen. Het mooie aan deze 2 verzen is de verschuiving: “Laat de Heer, uw God, ons de weg wijzen”. 
En daarna, “wij zullen de Heer, onze God, gehoorzaam zijn”. Het is mijn diepe gebed, dat de God waar wij over vertellen, niet langer alleen onze God is, maar ook hun God wordt. En dat ze bij Hem te rade zullen gaan, als ze op zoek zijn naar veiligheid. Niet langer hun veiligheid zoeken bij de duistere machten, maar bij de Eeuwige God, die zo zielsveel van ons houdt, en voor ons zorgen wil. 

“Wijs mij de weg Heer, en zeg mij wat me te doen staat”. Dat is dagelijks mijn gebed. Ook toen ik met mijn PNG vriendin Carol mee ging naar haar kerk en er een uitnodiging naar de jeugd ging om een Paasweekend bij te wonen in Mount Hagen. Verwacht werd zo’n 4000 jongeren vanuit heel PNG en de Solomon Eilanden. Ik voelde de oproep van de Heilige Geest: ga mee! 
Mijn reactie: liever niet, blijf liever lekker thuis in mijn eigen schone bed en met mijn eigen wc. Ik wist van de zware omstandigheden waarin het kamp gehouden zou worden: in een grote tent, met stro op de vloer waar we drie dagen op zouden zitten, van ’s morgens 5 tot ’s avonds 11, overal modder, 3 wc’s voor 4000 mensen, weinig slapen en weinig eten, een lange reis in een bus, over wegen waar je door elkaar geschud wordt.. Ik zag het niet zitten. Maar hoe kan ik vers 3 lezen en vers 6 overslaan (zie boven)? Dus ik beleed: of Uw woord me nu wel of niet goed uitkomt, ik zal U gehoorzaam zijn. Maar dan wel in Uw kracht, Uw Geest.

En God gaf in overvloed. Ja, de omstandigheden waren zwaar, precies zoals gezegd was. Maar in mijn zwakheid werd Gods kracht volbracht. Het maakte me niet uit. Ik leefde vanuit de kracht van de Heilige Geest, maakte me niet druk om de modder, alleen maar crackers eten, en slapen in geuren waar ik normaal niet van zou kunnen slapen. Toen ik daar met 4000 jongeren vanuit heel PNG stond te zingen, was het alsof Openbaring 7:9-10 ter plekke in vervulling ging. Met elkaar voor Gods troon staan en uit volle borst het geslachte Lam de lof toezingen. Adembenemend.
 Het voelde voor mij alsof de Heilige Geest het van me overnam en me gebruikte voor Zijn doel van het weekend. Door mij heen, met mijn getuigenis, wilde de Geest de jeugd laten zien dat Gods hart naar hen uitgaat: “Zoals het hart van mijn vader brak, toen mijn broer jaren lang niet thuis kwam, zo breekt het hart van God als Zijn kinderen niet bij Hem thuiskomen. Kom bij Hem terug. En reik naar deze mensen uit, die God nog niet kennen. God wil ons allemaal bij Hem thuis hebben. En Hij wil ons gebruiken, om verloren schapen terug te brengen bij Hem. Soms kost dat offers. Soms moet je daarvoor relaties opgeven. Soms doet het pijn. Maar blijf gefocust op God, of Zijn woord je nu wel of niet goed uitkomt, blijf Hem gehoorzaam, want alleen dan vind je echt de vreugde en de liefde waar we naar op zoek zijn! Kijk maar naar Jezus: Zijn armen wijd open, als uitnodiging om te komen, hangt Hij daar aan het kruis….  Dat is Pasen.” 
Pasen is ook dat de vloek verbroken is, dat de macht van Satan gebroken is. Pasen betekent dat we autoriteit hebben over Satan, omdat die overwinningskracht van Jezus in ons hart leeft door de Heilige Geest. 
Kracht die we mogen inzetten als we mensen onder een vloek zien leven. Zoals de vrouw die we aan de kant van de weg tegen kwamen, toen we naar Mount Hagen reden. Er werd me verteld dat deze vrouw nu al 3 jaar lang, van ’s morgens 6 tot ’s avonds 6, aan de kant van de weg zit, te wachten op haar man. Toen haar man haar verliet, heeft hij haar vervloekt, de vloek op haar gelegd dat ze op hem moet wachten aan de kant van de weg, totdat hij terug komt. Het ging me door merg en been, dit verhaal, en ook om deze vrouw te zien, die zo gevangen zit in duistere machten. Wacht zij op haar man? Ja misschien, maar meer nog: zij wacht op Jezus, om deze vloek te verbreken. En wij, die geloven in Jezus, die Pasen gaan vieren, rijden langs haar heen, en vergeten haar weer…. De Heilige Geest liet me zien: breng Pasen in praktijk! Vertrouw erop dat Jezus echt de vloek en de macht van Satan heeft verbroken! 
Zaterdagmiddag zaten Carol en ik bij de leiders van het kamp. Ik heb ze gevraagd: als wij straks terug gaan, en die mevrouw zit nog aan de kant van de weg, laten we de bus stoppen, en deze vloek verbreken in de naam en de opstandingkracht van Jezus. Laten we zo Pasen vieren.
Op de terugweg was het al na 6 uur. De vrouw zat er niet meer. Maar Carol verzekerde me: deze leiders zullen nu niet meer langs haar heen kunnen rijden zonder dat de Heilige Geest hen aanspreekt om voor haar te bidden. Dat onze God ook haar God mag worden! 

Zaterdagavond tijdens het kamp werd ik naar voren geroepen. Ik was de enige blanke, en samen met nog 2 mensen uit de Filippijnen en een man uit West Papoea waren we de 4 internationale gasten. Er zou voor ons gebeden worden. Toen ik naar voren werd geroepen, samen met de man uit West Papoea, had de leider van het kamp een opmerking over dat Nederland er deel aan gehad heeft dat zij nu hun eigen broer van de westkant een internationale gast moeten noemen. Ik proefde het verwijt en de pijn, en die pijn kwam rechtstreeks in mijn eigen hart. Hoe afschuwelijk, om inderdaad zomaar een land, vol familiebanden, in tweeën te splitsen. Ik ken de geschiedenis niet precies, maar ervoer de pijn die het gedaan moet hebben, als een ander volk compleet over je heen loopt, en je land verdeelt in 2 helften. En daarna hoe Nederland de westkant heeft laten vallen, en overgeleverd heeft aan een ander land. Wat een ellende, wat een pijn. En nu sta ik hier naast iemand van West Papua, en mijn hart breekt van verdriet over wat wij hen hebben aangedaan. En opnieuw is het de Heilige Geest die het overneemt in mij: vraag vergeving aan ze! Voor jullie gaan bidden. 
Ik loop naar voren en vraag de microfoon. Ik huil als ik zeg, dat ik als Nederlander, vergeving wil vragen en mijn excuus wil aanbieden voor alles wat hen door mijn land is aangedaan. De man van West Papoea huilt. Het is doodstil. Alle 4000 jongeren zijn getuige van dit moment. Het is of de Hemelse gewesten zelf hun adem inhouden. Als ik naar de man toeloop en we elkaar de hand schudden, voelt het alsof de Hemel zelf uitbarst in gejuich. 
Zoals Carol, die precies hetzelfde had ervaren als ik, zo mooi omschreef later: hoe kleinschalig dit ook is, er heeft een verschuiving plaats gevonden in de geestelijke gewesten. Ook hierin is Satan nu verslagen. 

Zondag word ik gevraagd of ik nog een lied wil zingen in het Nederlands. Met trillende knieën en een bibberstem zing ik wat ik het hele weekend heb gevoeld: in de Hemel is de Heer, en Zijn glans is als kristal, Hij heerst overal. Als de zon op de zee zo blauw, zo is de rijkdom van Zijn trouw! 
          Aan U alle macht, alle heerlijkheid en kracht, aan U alle eer en de lof, WANT U REGEERT! Dat is Pasen…     

Mijn adres is:  Marjan Sikkema
PO box  1-98 
EHP 444 Ukarumpa Papua New Guinea
Mijn rekeningnummer is NL 85 RABO 0120 486 784 ten name van Wycliffe Comite Sikkema
(Giften zijn aftrekbaar van de belasting). 
E-mailadres: m.sikkema@sil.org.pg               http://marjansikkema.blogspot.com


Harte-groet Marjan Sikkema